BERT VAN GERVEN 28-02-2015


back to the sixties
Thebe
hbnieuws
grootstepoppenkast
toneelgroep Hamlet
facebook
youtube
boeken
mijn films
linkedin



LinkedIn-profiel van Bert van Gerven weergevenProfiel van Bert van Gerven weergeven
bijzondere data
1942-02-28
brian jones geboortedag
Lewis Brian Hopkin Jones, beter bekend als Brian Jones (Cheltenham (Gloucestershire), 28 februari 1942 - Hartfield (Sussex), 3 juli 1969) was een Engels gitarist. Jones stond vooral bekend als oprichter van de rockgroep Rolling Stones. In 1969 werd hij dood in zijn zwembad gevonden. Het mysterie van zijn dood is tot op de dag van vandaag niet opgelost.

Jones' ouders, Lewis Blount en Louisa Beatrice Jones, stamden uit Wales. Brian had twee zusters: Pamela, die geboren was op 3 oktober 1943 en overleed op 14 oktober 1945 aan leukemie, en Barbara, die was geboren in 1946 (precieze datum onbekend).

Jones' ouders waren beiden zeer geïnteresseerd in muziek, en dat blijkt van invloed te zijn geweest op de jonge Jones. Zijn vader speelde graag piano en orgel tijdens zijn werk, en zijn moeder was pianolerares. Toen Jones 14 was speelde hij klarinet in het schoolorkest. Jones kon vele instrumenten bespelen en bleek zeer intelligent te zijn. Jones had een bovengemiddeld IQ van 135.

Oorspronkelijk hield Jones veel van jazz, maar daar kwam verandering in toen hij Mick Jagger en Keith Richards leerde kennen. Met hen en Dick Taylor (later oprichter van Pretty Things) richtte hij een bandje op: The Rollin' Stones, naar een liedje van Muddy Waters. In 1962 kwamen Charlie Watts en Bill Wyman erbij, en werd de groepsnaam veranderd in Rolling Stones. Taylor stapte uit de band om zich op zijn studie te richten. Jones was destijds de onbetwiste leider, maar dat veranderde toen Andrew Oldham manager van Rolling Stones werd. Hij maakte van Jagger en Richards songschrijvers en leiders. Gitarist Jones was niet langer de leider.

Inmiddels stond de band alweer bekend als Rolling Stones, en ze begonnen hits te scoren. Op de eerste hits was Jones achtergrondzanger en gitarist. In 1965 braken de Rolling Stones definitief door en scoorden ze veel hits. Jones schreef ook veel mee, ook al kwamen de nummers op de naam van Richards en Jagger te staan.

De Rolling Stones werden al snel bekend als een van de grootste bands van de wereld, en Jones genoot van alle roem. Hij scoorde in de jaren 60 met de Stones hits als Paint It, Black en (I can't get no) Satisfaction.

Jones bespeelde ook andere instrumenten, naast gitaar. Volgens Watts, de drummer van de Stones, kon hij werkelijk ontzettend veel, zoals citer, harmonica, piano. Zo speelt hij sitar op Paint It, Black, en piano op Let's spend the night Together. Bij The Beatles bespeelt Jones de hobo op het nummer Baby, You're a Rich Man en saxofoon op You Know My Name (Look Up the Number).

In 1967 ging het echter steeds slechter met Jones, die zwaar verslaafd raakte aan alcohol en drugs. Hij maakte plannen om wereldberoemd te worden door middel van een solocarrière; volgens de andere Stones begon hij toen een beetje raar te worden. Jones kreeg ontzettende ruzie met Richards, hoewel ze het later weer bijlegden. Ook muzikaal ging het slecht met Jones: op de albumopnamen was nog maar weinig van hem te horen. In maart 1967 kreeg Richards een relatie met Jones' vriendin Anita Pallenberg en dat heeft Jones hem nooit meer vergeven.

Op de LP Beggars Banquet van de Rolling Stones speelde Jones nog maar op enkele nummers mee. Zijn akoestische slidegitaar op "No expectations" maakte de meeste indruk. Meestal kwam hij niet opdagen tijdens de opnames, en als hij er was, dan was hij dronken. Hij had nog steeds ruzie met Richards. Op de volgende LP "Let it bleed" (uitgebracht na zijn dood) speelde hij slechts op twee nummers mee: autoharp op "You got the silver" en percussie op "Midnight rambler".

Jones werd in juni 1969 officieel uit de Rolling Stones gezet. De Stones wilden in december 1969 weer op tournee door Amerika en vermoedden dat Jones geen visum zou krijgen. Bovendien was hij niet in staat om op tournee te gaan. Mede-bandleden Jagger, Richards en Watts reden naar zijn huis, Cotchford Farm genaamd, en deelden hem mee dat hij uit de band was gezet.

In juli 1968 ging Jones naar Marokko om samen met de Master Musicians of Joujouka een album op te nemen. Dit album werd in 1971 uitgebracht onder de naam Brian Jones Presents the Pipes of Pan at Joujouka.

Jones' laatste optreden met de Rolling Stones was tijdens het Rock 'n Roll Circus, in 1968.

Jones was van plan een solocarrière te beginnen, en hij wilde gaan toeren met Jimi Hendrix. Van al Jones' plannen zou het nooit meer komen.

De Amerikaanse psychotherapeute Mandy Aftel publiceerde in 1982 haar biografie 'Death of a Rolling Stone - the Brian Jones story' (uitgeverij Delilah te New York, ISBN 0-933328-37-0. Aftel heeft voor dit boek talloze bekenden van Brian Jones geïnterviewd, waaronder de bandgenoten Keith Richards en Ian Stewart. Op basis van haar gedegen research komt Aftel tot de volgende conclusies: (1) Brian Jones is de grondlegger van de sound waarmee de Rolling Stones beroemd zijn geworden. (2) Jones' zeer grote muzikale vaardigheden stonden in en buiten de Rolling Stones nooit ter discussie. (3) In de beginjaren was Brian Jones de zakelijke leider van de band. (4) Jones' geestvermogens maakten hem tot een psychiatrisch patiënt, wat verergerd werd door de stress van het succesvolle Rolling Stones-bedrijf.

In de nacht van 2 op 3 juli 1969 overleed Jones in zijn eigen zwembad bij zijn huis Cotchford Farm. De toedracht is onbekend; er zijn vele speculaties over rond gegaan wat er gebeurd zou kunnen zijn. Hij kan dronken zijn geweest, hij kan tijdens het zwemmen een astma-aanval hebben gekregen, maar ook moord (in verband met een ruzie tussen Jones en een vriend; Frank Thorogood) of zelfmoord wordt niet uitgesloten. Een scenario is dat Jones en een vriend dronken aan het zwemmen zouden zijn geweest, ruzie hebben gekregen, waarbij Jones half per ongeluk, half expres zou zijn verdronken door deze vriend. Op 31 augustus 2009 maakte de Britse politie bekend dat er opnieuw onderzoek gedaan wordt naar de dood van Jones.In 2009 heeft een bouwvakker 40 jaar na dato, toen de zaak verjaard was, bekend Jones om het leven gebracht te hebben. Hij was enkele dagen daarvoor ontslagen toen hij bij een kleine verbouwing op diefstal betrapt was. Toen hij verhaal kwam halen was Jones aan het zwemmen. Hij hield hem onder water tot hij verdronken was.

Het meest nabije verslag van Brian Jones' overlijden is het boek 'the murder of Brian Jones' (1999, uitgeverij Blake Publishing te Londen, ISBN 1-85782-3168). Het is geschreven door Anna Wohlin, Jones' Zweedse vriendin die bij zijn overlijden aanwezig was. Anna Wohlin's verhaal stemt met de bekende feiten overeen, en voegt haar ervaringen met het Rolling Stones-management na Jones' overlijden eraan toe. Deze waren er volgens haar op gericht om zijn tragische dood zo snel mogelijk in de doofpot te stoppen. Zoals de titel van haar boek aangeeft, is Wohlin ervan overtuigd dat Brian Jones is vermoord.

Brian Jones werd het eerste lid van de Club van 27, een groep bekende mensen die op 27-jarige leeftijd overleden, vaak onder verdachte omstandigheden. Hiertoe behoren inmiddels ook Jones' vriend Jimi Hendrix, Janis Joplin, Jim Morrison, Kurt Cobain.

De Rolling Stones gaven ter nagedachtenis aan de overleden Brian Jones een groot concert in Hyde Park. Daar werd ook de nieuwe gitarist, Jones' vervanger, Mick Taylor voorgesteld. In 2006 werd er een film gemaakt over Jones' dood; Stoned.

Na zijn dood schreef Pete Townshend van The Who een gedicht "A Normal Day For Brian, A Man Who Died Every Day" (afgedrukt in The Times), Jimi Hendrix droeg een lied aan hem op, op de Amerikaanse televisie, en Jim Morrison van The Doors schreef een gepubliceerd gedicht getiteld: "Ode To L.A. While Thinking Of Brian Jones, Deceased".